CENTRALE BANK VAN SURINAME

Publicaties

To the English version

De World Trade Organization

Inleiding
De GATT (General Agreement on Tariffs and Trade), een multilaterale handelssysteem, werd in 1948 opgericht, met als doel een bijdrage te leveren aan de economische groei en ontwikkeling van de wereld. Tijdens de GATT werden acht afgeronde multilaterale handelsonderhandelingen gehouden. De  laatste ronde werd gehouden in september 1986 in Uruguay (de zgn. Uruguay-ronde). Vanwege fundamentele verschillen op politiek en technisch gebied werd deze ronde pas in 1994 afgesloten en wel tijdens de GATT Ministeriële Vergadering te Marrakesh, Marokko.
Belangrijke resultaten van deze ronde zijn:

  1. de verbetering van de bestaande GATT regels;

  2. de aanname van het GATS-akkoord (General Agreement on Trade in Services). Hierdoor werden voorzieningen getroffen  de handel van goederen en diensten verregaand te liberaliseren;

  3. de aanname van de overeenkomst inzake handelsgerelateerde aspecten van intellectuele eigendomsrechten (TRIPS);

  4. de oprichting van de WTO (World Trade Organization).

De WTO is de opvolger van de GATT en trad op 1 januari 1995 in werking. De WTO werd  opgericht bij de “Agreement Establishing the World Trade Organization” (WTO Oprichtingsverdrag). Dit was zonder twijfel de belangrijkste stap voor het institutionaliseren van de globalisering sinds de oprichting van de GATT in 1948. De WTO regelt de spelregels van de handel tussen lidlanden. De WTO-lidlanden bepalen die regels in overeenkomsten. Het hoofddoel is de handel zo vrij, vlot en voorspelbaar mogelijk te laten verlopen. Het doel van de 'vrijhandel' is een betere interconnectie met elkaars markten, waardoor de concurrentie toeneemt en prijzen van verschillende goederen en diensten zullen dalen. Hierdoor worden economieën gedwongen zich open te stellen voor de wereldeconomie en dus worden landen gedwongen te liberaliseren.

Sedert 1978 is Suriname lid van de GATT. In april 1994 heeft Suriname de slotakte van de Ministeriële vergadering van de GATT mede ondertekend. Vanaf 1 januari 1995 is Suriname lid van de WTO.

Doelstellingen:

  1. het verhogen van de levensstandaard;

  2. het scheppen van werkgelegenheid;

  3. het verhogen en het stabiel houden van het nationaal inkomen;

  4. het verhogen van de productie en het uitbreiden van de handel in goederen en diensten;

  5. het optimaal benutten van de natuurlijke hulpbronnen in de wereld, in overeenstemming met duurzame ontwikkeling;

  6. het behoeden van het milieu in samenhang met economische ontwikkeling;

  7. het bewerkstelligen dat ontwikkelingslanden en in het bijzonder de minder ontwikkelde landen een beter aandeel verkrijgen in de groei van de internationale handel  en wel naar evenredigheid van de noodzaak van hun economische ontwikkeling.

Functies:

  1. het administreren en implementeren van de wettelijke regels die bij de Uruguay-ronde zijn overeengekomen, alsook nieuwe overeenkomsten;

  2. het verschaffen van een forum voor verdere onderhandelingen tussen lidlanden over bestaande onderwerpen, alsook nieuwe onderwerpen die de  WTO zullen regarderen;

  3. het beslechten van geschillen tussen de lidlanden;

  4. het maken van periodieke overzichten m.b.t. het handelsbeleid van de verschillende lidlanden en samenwerken met de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) teneinde meer samenhang te bereiken in de formulering van internationale economische besluitvorming.

Principes
De WTO lidlanden moeten uitgaande van de GATS hun handelsbeleid en wetgeving op basis van een aantal principes uitvoeren. De principes worden onderverdeeld in horizontale verplichtingen, die voor alle diensten sectoren gelden de z.g. algemene principes, en verticale verplichtingen, die alleen voor specifieke sectoren gelden, de zgn. specifieke principes.

  1. De algemene principes zijn:

    1. Handel zonder discriminatie, hetgeen vervat is in de Most-Favoured-Nation (M.F.N.) principe (artikel II van de GATS). Dit houdt in dat een preferentiële voorkeur aan een land gegeven, ook aan andere WTO lidlanden gegeven moet worden. Uitzonderingen hierop zijn de regionale handelsblokken (v.b. CARICOM-leden kunnen wel voorkeur krijgen boven niet-CARICOM leden), en landen met een zwakkere economie worden ontheven van sommige verplichtingen.

    2. Transparantie: WTO lidlanden zijn verplicht een transparant handelsbeleid te voeren, hetgeen moet resulteren in publicatie van alle algemene maatregelen ten behoeve van de overige lidlanden.

  2. De specifieke principes zijn:

    1. Marktoegang: elk lidland bepaalt zelf de mate van markttoegang.

    2. Nationale behandeling: lidlanden worden verboden te discrimineren tussen lokale en buitenlandse dienstverleners.

De consequenties van het niet-naleven van de WTO richtlijnen
Een belangrijke bepaling van het Oprichtingsverdrag is artikel XVI, lid 4, welke als volgt  luidt:
“Each Member shall ensure the conformity of its laws, regulations and administrative procedures with its obligations as provided in the annexed Agreements”.
Suriname is conform deze bepaling verplicht de nationale wet- en regelgeving aan te passen aan de bij de Uruguay Ronde afgesloten verdragen (het WTO oprichtingsverdrag en “the annexed Agreements”). Het afsluiten van overeenkomsten tussen WTO lidlanden geschiedt geheel vrijwillig; er wordt bij consensus onderhandeld door soevereine regeringen. Bovendien zijn de WTO regels niet discriminerend. Dat betekent dat alle landen binnen het systeem gelijke rechten toebedeeld krijgen, los van hun grootte of macht. Indien Suriname tekortschiet in het naleven van de WTO regels kunnen de overige lidlanden via het geschillen beslechtingsorgaan (Dispute Setllement Body) de naleving afdwingen.

Belangrijke Ministeriële Vergaderingen
Sedert de oprichting van de WTO zijn vijf Ministeriële vergaderingen gehouden. Belangrijk tot nu toe waren de 4e en 5e Ministeriële vergadering, gehouden in respectievelijk Doha (2001) en Cancún (2003).
Te Doha werd de Doha ontwikkelingsagenda (DDA) aangenomen waarbij centraal stond: de bijdrage die handel kan leveren aan ontwikkeling. Met name ontwikkelingslanden zouden hieraan voordeel hebben.
Aangezien de vergadering in Cancún mislukte en dit  een zware tegenslag vormde voor de  onderhandelingsronde in het kader van de DDA, werd op 30 juli 2004 door de Algemene Raad van de WTO overeenstemming bereikt ten aanzien van een pakket van raamovereenkomsten in het kader van de DDA (“July Package”), inhoudende afspraken met betrekking tot het verder  onderhandelen omtrent DDA. Dit raamwerk wordt gezien als een belangrijke tussentijdse stap in de DDA onderhandelingen en legt de basis voor een uiteindelijk akkoord. Ten aanzien van Diensten is in dit akkoord bepaald dat deze sector een kernelement vormt binnen de onderhandelingen in het kader van de Doha Ontwikkelingsagenda.  Lidlanden worden in de gelegenheid gesteld tot uiterlijk mei 2005 herziene, of indien zij nog niet eerder hebben gedaan, de voorwaarden voor toegang tot de eigen markt (“services offerlist”) in te dienen bij de WTO.

De positie van Suriname binnen de WTO
Evenals de overige Caricom lidstaten  heeft ook Suriname zich gecommitteerd aan de GATS.
Het Ministerie van Handel en Industrie coördineert het WTO gebeuren in Suriname. Aangezien Suriname nog geen permanente vertegenwoordiging bij de WTO heeft, worden via de Surinaamse Ambassadeur te Brussel de handelspolitieke belangen bij de WTO behartigd. In de meeste gevallen worden de WTO standpunten van Suriname kenbaar gemaakt aan de Caribbean Negotiating Machinery (CRNM), die de regio ondersteunt bij de onderhandelingen.

Ten aanzien van de verplichting van de WTO inzake het liberaliseren van financiële dienstensector, is de Centrale Bank van Suriname samen met het Ministerie van Financiën direct betrokken bij het WTO-gebeuren. In dit verband werd in 2002 een werkgroep inzake WTO aangelegenheden ingesteld. In februari 2004 werd een “initial financial services offerlist” ingediend bij de WTO, welke was voorbereid door deze werkgroep.
Van 12 -14 juli 2004 vond op het hoofdkwartier van de WTO (Geneve, Zwitserland) de eerste “Trade Policy Review” van Suriname plaats. Daarbij werden zowel het “Government Report” (opgemaakt met medewerking van diverse instanties in Suriname) als het “Secretariat Report” (opgemaakt door de WTO) aan de lidlanden van de WTO gepresenteerd. Aan het eind van de “review” werd Suriname gecomplimenteerd over de wijze waarop economische en institutionele hervormingen zijn doorgevoerd en waarbij zelfstandig of op initiatief van de regio, maatregelen werden getroffen teneinde de handel en investeringen te liberaliseren. Deze vooruitgang wordt des te meer geprezen vanwege het feit dat de realisatie met de gebrekkige institutionele capaciteit is geschied en de afwezigheid van een permanente vertegenwoordiging bij de WTO.
Zowel het WTO Secretariat Report als het Government Report vormen goede documenten die een totaal beeld geven van de Surinaamse handelspolitiek en inzicht verschaffen in de economie en het internationaal kader daaromheen.

 

Mr. Joan Pahlad-Abdul
Jurist
Stafmedewerker op de Afdeling Internationale Betrekkingen
Centrale Bank van Suriname

 

Home Over de CBvS Persberichten Statistieken Publicaties Contact Info Externe Links Copyright/Disclaimer Diversen

© 2006 Centrale Bank van Suriname